Economie Groningen: Chemport Europe: het Noorden als wereldwijde koploper in groene chemie

De nieuwsbrief van Economie Groningen is vanochtend verschenen. Daarin onder andere informatie over Chemport Europe, de nieuwe biostoomleiding die voor verdere vergroening van het chemiepark Delfzijl leidt en de kwaliteitsslag ESD-SIC door innovatieve meetapparatuur.

Hieronder leest u hier meer over:

Een van ’s werelds grootste producenten van siliciumcarbide zit in de provincie Groningen, in Farmsum om precies te zijn: ESD-SIC. De ambities van het bedrijf, onder de rook van Delfzijl, liegen er niet om. ESD-SIC wil de concurrentie een stap voor blijven door de kwaliteit van het in Farmsum geproduceerde siliciumcarbide nog verder te verbeteren en efficiënter en schoner te gaan werken. En dat vooral dankzij innovatieve meetapparatuur, waarvoor ESD-SIC een subsidie van 25.000 euro kreeg van de provincie Groningen.

De siliciumcarbide die wordt geproduceerd bij ESD-SIC vindt uiteindelijk zijn weg naar afnemers over de hele wereld. Siliciumcarbide heeft een aantal unieke eigenschappen: het is bestand tegen extreem hoge temperaturen tot 1700 graden, heeft een zeer lange levensduur en een enorme hardheid. Het wordt dan ook gebruikt in allerlei schuur- slijp- snij en polijsttoepassingen: van het meest eenvoudige schuurpapier tot poeders die worden gebruikt bij het zagen van computerchips en zonnecellen. Omdat siliciumcarbide bestand is tegen extreem hoge temperaturen wordt het ook gebruikt in onder andere  verbrandingsovens, hoogovens, verbrandingsketels en roetfilters.

ESD-SIC mag dan wel een van de grootste producenten van siliciumcarbide ter wereld zijn, concurrentie is er ook, en dan met name uit lagelonenlanden en landen met geen of nauwelijks aandacht voor milieu- en arbeidsomstandigheden. Om de concurrentie voor te blijven, zet ESD-SIC in op een kwaliteitsslag en een efficiëntere en meer energiezuinige, en daarmee goedkopere, manier van werken, aldus directeur Richard Middel.

Die nieuwe manier van werken is mogelijk dankzij innovatieve meetapparatuur, waaraan de provincie Groningen onlangs 25.000 euro heeft bijgedragen. “Dankzij deze apparatuur kunnen tijdens de productie van siliciumcarbide veel betere en meer nauwkeurige kwaliteitsmetingen worden verricht. We verwachten dat dit leidt tot een betere kwaliteit eindproduct. Daarnaast een meer efficiënte grondstoffeninzet en daardoor tot minder verspilling van grondstoffen”, aldus Middel. Omdat er efficiënter kan worden geproduceerd, zal er tijdens de productie ook minder stroom nodig zijn. Volgens de directeur gaat het om een jaarlijkse besparing die gelijk staat aan het stroomverbruik van 300 tot 900 huishoudens.

Overigens benadrukt Middel dat er bij ESD-SIC – in tegenstelling tot bij de meeste fabrieken in de lagelonenlanden – wél veel aandacht is voor het milieu. “Wij zijn de enige siliciumcarbidefabriek ter wereld die werkt met verschillende milieu installaties, die zorgen voor onder andere een lagere SO2-uitstoot en het hergebruik van stroom in het productieproces.”

De bij ESD-SIC geproduceerde siliciumcarbide – zo’n 50.000 ton per jaar – vindt zowel via de weg als het water zijn weg naar de klanten, overal ter wereld. Het is een van de redenen die Farmsum, onder de rook van de Eemshaven en Delfzijl – een aantrekkelijke vestigingslocatie maken, aldus Middel. “De ontsluiting is hier optimaal, zowel qua wegen als via het water”, zegt hij wijzend op de havens van Delfzijl. Daarbij is er in Noord-Groningen ruimte genoeg en is er voldoende personeel voorhanden. De aanwezigheid van de Hanzehogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen maken dat er in de regio ook voldoende hoogopgeleide medewerkers zijn, voegt de directeur toe.  

 

 

Chemport Europe: het Noorden als wereldwijde koploper in groene chemie

De Eemshaven, Delfzijl en Emmen spelen al jarenlang een belangrijke rol in de Europese chemiewereld. Door de krachten van die drie noordelijke chemieclusters te bundelen in het nieuwe samenwerkingsverband ‘Chemport Europe’ moet een nieuw, volledig groen ecosysteem ontstaan, dat een wereldwijde koplopersrol vervult in de transitie naar een biobased economy.

Het is de bedoeling dat de chemiesector in Groningen en Drenthe in 2030 nagenoeg volledig is overgestapt op het gebruik van duurzame grondstoffen. Er zijn inmiddels al tal van chemiebedrijven in de Eemshaven, Delfzijl en Emmen die al behoorlijk ver zijn in die ambitie. Zo worden in de Eemshaven al gigantische hoeveelheden groene energie opgewekt, produceert een bedrijf als BioMCN in Delfzijl biomethanol uit bietenpulp en wordt in Emmen hard gewerkt aan de ontwikkeling van duurzame kunststofvezels.

Voor de ontwikkeling van zulke innovatieve duurzame chemicaliën en producten zijn gewassen zoals aardappelen, suikerbieten en tarwe onmidbaar. Door het agrarische karakter van Noord-Nederland zijn die volop aanwezig in de regio. De combinatie met een sterke chemie- en energiesector in de regio maakt van Chemport Europe de aangewezen regio om een voortrekkersrol te vervullen in de transitie naar een wereldwijde biobased economie.

Ondernemingen in de chemie kunnen zich via Chemport Europe aansluiten bij bestaande ketens. Daardoor kan de chemie binnen het ecosysteem in hoog tempo verduurzamen en vergroenen. Doordat verschillende ondernemingen in dezelfde sector actief zijn en grondstoffen met elkaar uitwisselen ontstaat een circulaire economie. In Delfzijl gaat het daarbij vooral om ‘intermediate chemicals’, oftewel chemische tussenproducten, en in Emmen is veel kennis en bedrijvigheid rond polymeren en kunststofvezels aanwezig.

Maar het zijn niet alleen de bedrijven die zorgen voor biobased innovatie: ook de Rijksuniversiteit Groningen en diverse hogescholen werken nauw samen met de chemiesector in de regio. Zo zijn er proeftuinen ontwikkeld waar tal van nieuwe ideeën voor duurzame producten en toepassingen onstaan. Daarnaast bereiden de instellingen voor middelbaar beroepsonderwijs in de regio steeds meer talentvolle jonge mensen op voor functies in de logistiek, agri-business, energiesector en chemische industrie. Dat betekent dat er volop arbeidspotentieel en ambitie is om de biobased chemie een forse impuls te geven.

Nog een grote kracht van Chemport Europe is dat ook lokale en regionale overheden én de milieubeweging nauw betrokken zijn. De ambities worden dus door ondernemers, onderwijs, overheid en de milieubeweging onderschreven. Dat zorgt voor soepele besluitvorming en vlotte vergunningen. Het proces van een ambitieus idee naar een veelbelovend product kan in Chemport Europe zo in rap tempo doorlopen worden.

Voor meer informatie: www.chemport.eu

 

Nieuwe biostoomleiding zorgt voor verdere vergroening Chemie Park Delfzijl

Minister Kamp van Economische Zaken heeft samen met AkzoNobel, Eneco en Groningen Seaports maandag de levering van biostoom aan Chemie Park Delfzijl officieel in werking gezet. Eneco heeft hiervoor de biomassacentrale Bio Golden Raand omgebouwd tot een warmtekrachtcentrale die naast groene stroom nu ook biostoom levert. Gebruikmakend van de door Groningen Seaports aangelegde infrastructuur zet AkzoNobel de vrijgekomen stoom in op het Chemie Park.

Door de ombouw wordt de grootste bio-energiecentrale van Nederland nog efficiënter: bij een gelijkblijvende hoeveelheid biomassa produceert Bio Golden Raand nu dubbel zoveel duurzame energie. Door de overstap van gas- naar duurzaam geproduceerde stoom vergroent AkzoNobel in één keer 10 procent van zijn Nederlandse energieverbruik. Naast een verminderde afhankelijkheid van fossiele brandstoffen, betekent dit ook een CO2-vermindering van zo’n 100.000 ton per jaar.

'Noord-Nederland heeft een voortrekkersrol in de transitie naar duurzame energie', aldus minister Kamp. 'De noordelijke provincies en gemeenten waren de eerste met een plan van aanpak voor de uitvoering van het Energieakkoord. Het Chemie Park Delfzijl onderstreept deze ambities door over te stappen op duurzaam opgewekte stoom. De betrokken partijen investeren op die manier niet alleen in energiebesparing en het verminderen van CO2-uitstoot. Ze dragen ook bij aan de regionale economie door een duurzame groei van het chemiecluster mogelijk te maken.'

Ruim 10 procent van de Nederlandse productie van basischemicaliën komt uit Delfzijl. De industrie is onderling sterk verbonden en zorgt voor een groot deel van de werkgelegenheid in de regio. Het project maakt het chemiecluster in Noordoost-Nederland duurzamer en toekomstbestendiger.

AkzoNobel, Eneco en Groningen Seaports hebben gezamenlijk ongeveer 40 miljoen euro in het project geïnvesteerd.

Bron: economie groningen

 

01 maart 2017